10x wandelen in Duitsland

Duitsland heeft alles in huis voor verwende wandelaars. Wandel.nl geeft je tien tips over de mooiste wandelgebieden bij onze oosterburen.

Duitsland heeft alles in huis voor verwende wandelaars: hoge bergen, uitgestrekte bossen, rollende heuvels, enorme heidevelden, schuimende beken, fijne Gasthaüser en jazeker, ook kust en eilanden.  Soms moet je er een dag voor in de auto, maar heel vaak vind je dat al dat moois net over onze eigen grens. Wandel.nl geeft je tien tips over wandelgebieden bij onze oosterburen.

Thüringer Rhön (Foto: Rasmus Schübel). Thüringer Rhön (Foto: Rasmus Schübel).

Tip 1: Sauerland, bossen en bergen

De naam Sauerland heeft niets te maken met sauer (zuur), maar met een verbastering van het woord ‘zuiden’, oftewel ‘zuidelijk land’. Nederlanders kennen het bosrijke gebied vooral van de wintersport. Als er in het nieuws maar even het woord sneeuw valt, zit half Nederland in de auto op weg naar Winterberg.

Sauerland is echter óók een fantastisch wandelgebied met maar liefst 43.000 km (!) aan wandelpad, verdeeld over 1000 lange en korte routes. De routes worden perfect onderhouden door de Sauerländer Gebirgsverein (SGV). Kijk op: www.sgv.de.

Routes slingeren vaak langs één van de vele idyllische riviertjes, door velden met koolzaad en eindigen soms bij een mooi gelegen Gasthaus waar zelfgebakken taart wordt geserveerd. Ook voor het stevigere werk is Sauerland zeer geschikt:  heuvels klimmen tot bijna 900 meter (de Langenberg is met 843 meter de hoogste).

Het zuidelijke gelegen Rothaargebirge vormt het hoogste deel van Sauerland, Hochsauerland geheten. Hier vind je naast serieuze ‘bergen’ ook leuke stadjes als Schmallenberg en Bad Berleburg. Deze stadjes vormen een prima uitgangspunten voor talloze wandelingen in de omgeving. Bij het VVV van Schmallenberg kun je aankloppen voor twaalf verschillende wandelingen langs fraai onderhouden dorpen met vakwerkhuizen. Een stevige tippel is de Waldskulpturenweg; 23 km wandelen langs beeldhouwwerken, sculpturen en kunstwerken. Veel korter, maar spectaculair voor kinderen, is het Kyrillpad; genoemd naar de orkaan die in 2007 grote stukken bos in het Sauerland verwoestte. Het pad gaat kriskras over, onder en langs omgevallen bomen. Kijk op: www.schmallenberger-sauerland.nl


Tip 2: Harz, bijzonder gebergte

Wie door het verder vlakke Noord-Duitsland naar het oosten rijdt, ziet iets wonderlijks. Opeens doemt een waarachtig spectaculair middelgebergte op met toppen die de 1100 meter aantikken. Het is de Harz, het meest noordelijk gelegen middelgebergte van Duitsland met een geheel eigen klimaat, karakter en vegetatie. En met een rijke natuur; in 2000 werd de lynx er met succes opnieuw uitgezet.

In de tijd van de Koude Oorlog was het gebied in tweeën gedeeld en was een groot deel van de Harz niet toegankelijk. Nu is het een verrassend mooi nationaal park met 8000 km wandelpad en aan de randen geweldige stadjes zoals Wernigerode, Goslar en Bad Harzburg vol oude vakwerkhuizen, musea, goede restaurants en gezellige cafés.

Prijzig, maar beslist niet te missen is het 19 km lange ritje met de beroemde nostalgische stoomtrein van de Brockenbahn naar de hoogste top van de Harz, de Brocken (1142 m). Boven kan het zeldzaam spoken. In de winter is een pak sneeuw van twee meter niet ongewoon en er zijn ooit windsnelheden van 263 km/pu genoteerd.  Wie op het knusse station van Drei Annen Hohne opstapt en de trein naar de top van de Brocken pakt, loopt in ca. 11 km weer terug naar de parkeerplaats. Vermijd de weekenden, het kan erg druk zijn op de top. Tip: bezoek de tentoonstelling over de Koude Oorlog in het Brockenhaus. Meer weten over de Brockenbahn: www.hsb-wr.de

Een mooi uitgangpunt voor wandelaars vormt de hooggelegen nederzetting Torfhaus (800m). Wie hier zijn auto neerzet bij het bezoekerscentrum (de moeite waard, maandag gesloten),  kan in de voetsporen van de Duitse schrijver Goethe de Goetheweg (W1) oppikken. De route is totaal 18 km lang, gaat door het bos, langs rotspartijen en over natte veengebieden. De klim naar de top van de Brocken is optioneel. Wie korter wil: de rondwandeling Rund um das Große Torfhausmoor (W5) is slechts 4,5 km. Meer op: www.nationalpark-harz.de

Heel anders, maar beslist spectaculair: de wandeling van 14 km door het oostelijke gelegen Bodetal van Thale naar Tresenburg. Het Bodental is een ruig, bebost rotsdal met geweldige uitzichten vanaf de rand. Zie ook: www.bodetal.de

Leuk voor kinderen: onderweg stempels verzamelen bij één van de 222 stempelposten en een Wandernadel van brons, zilver of goud verdienen: www.harzer-wandernadel.de

De nostalgische stoomtrein van de Brockenbahn (Foto: Wikipedia.com.)   De nostalgische stoomtrein van de Brockenbahn (Foto: Wikipedia.com.)

Tip 3: Eifel, dichtbij huis

Niet ver over de grens in Zuid-Limburg begint de Eifel. Vroeger spuwden vulkanen hier hete lava, tegenwoordig kun je er eindeloos fietsen, kajakken, raften en wandelen. De Eifel kent spectaculaire natuur (de wilde kat struint er rond!) met oude kraters, vulkaanmeren, rivieren, bergstadjes en uitgestrekte (beuken)bossen. Niet voor niets staat het Nationaal Park Eifel in de Top 100 van de populairste bestemmingen van heel Duitsland. Alleen al het netwerk van hoofdroutes telt ruim 3000 km. Een mooie wandleling is de 9,7 km lange Klosterweg die langs de kloosterruïne Schwarzenbroich voert. Daarnaast zijn er nog talloze lokale- en themaroutes. Alles perfect onderhouden door de Eifelverein. Kijk op: www.eifelverein.de

Vanuit het Walderlebniszentrum in kuuroord Gemünd worden op zaterdag en in vakanties wandelingen door parkwachters georganiseerd. De wandelingen variëren in lengte en zijn geschikt voor verschillende doelgroepen. Deelname is meestal gratis, maar vooraf aanmelden noodzakelijk. Meer informatie vind je op: www.schleiden.de

Middellange dagtochten in de Eifel zijn o.a. de Kupferroute van Stolberg naar Aken (15,5 km) en de Heckenlandroute  bij Eicherscheid (14,5 km). Dit is een tocht langs fraaie beukenhagen met onderweg heerlijke uitzichten. Veel meer routes op: www.eifelinfo.nl

Herfst in de Eifel (Foto:  Hans Peter Merten). Herfst in de Eifel (Foto: Hans Peter Merten).

Tip 4: Schwarzwald; uitgestrekt wandelgebied

Het Zwarte Woud is het grootste middelgebergte van Duitsland. Het strekt zich helemaal uit van de grens bij Basel tot aan de levendige studentenstad Karlsruhe; maar liefst 160 km aan bos, rivieren, akkerlanden, dorpen,  heuvels, koekoeksklokken en Schwarzwalder Kirsch Torte. Voor wandelaars wordt uitstekend gezorgd: 24.000 km wandelweg, 15.000 wegwijzers en 250.000 likken verf en routebordjes.

Een deel van het Zwarte Woud is sinds kort Nationaal Park en maakt weer deel uit van het grootste Natuurpark van Duitsland: Natuurpark Schwarzwald Mitte/ Nord: www.nationalpark-schwarzwald.de

Hinterzarten aan de voet van de Feldberg vormt een stevige basis voor wandelingen in het hogere deel van het Zwarte Woud. Vanuit het treinstation in Hinterzarten start het Heimatpfad Hochschwarzwald. Deze route is ruim 7 km lang en loopt door spectaculaire schluchten en langs een glasblazerij en oude watermolens.

Een letterlijk hoogtepunt in het Zwarte Woud is de rondwandeling langs de Feldsee (12,5 km) naar de top van de 1439 meter hoge Feldberg. Tijdens deze uitdagende tocht kom je langs meerdere berghutten waar het uitstekend drinken en eten is. In sommige hutten kun je ook overnachten. Als er sneeuw ligt: huur sneeuwschoenen! www.hochschwarzwald.de

Het zou zo maar kunnen zijn dat het begrip wandelroute is uitgevonden in het Zwarte Woud. Philipp Bussemer uit Baden-Baden schreef reeds aan het eind van de 19e eeuw wandelgidsen en publiceerde kaarten. Ook opende hij een toeristisch informatiecentrum. De Schwarzwaldverein promoot het wandelen al sinds 1864. Meer op: www.schwarzwaldverein.de

Het Zwarte Woud (Foto: Steffen Egly, Tourist-Info Sasbachwalden) Het Zwarte Woud (Foto: Steffen Egly, Tourist-Info Sasbachwalden)

Tip 5: Lünenburgerheide, wandelen over paarse heide

Hoewel de heide die nog over is slechts een fractie vormt van het enorme gebied van 7000 vierkante kilometer dat er 300 jaar geleden lag, zijn de natuurparken Lüneburger Heide en Südheide de grootste aaneengesloten heidegebieden in Midden-Europa. Verder bestaat het gebied uit bossen, beken, akkerlanden en stadjes als de Hanzestad Lüneburg en dorpen met oude boerderijen en rietgedekte huizen als het autovrije Wilsede en Müden.

Wilsede is het beste uitgangspunt voor meerdere wandelingen over de Lünenburgerheide. Je moet er wel rekening mee houden dat je eerst drie kilometer moet lopen (of fietsen!) vanaf de parkeerplaats om het dorpje te bereiken. In Wilsede wonen slechts 50 mensen. Een beklimming van de Wilseder Berg (169 meter) ligt voor de hand; vanaf de parkeerplaats is dit een wandeling van 4,5 km. Meer wandelingen op: www.lueneburger-heide.de

Belangrijk voor het in stand houden van de heide zijn de Heidschnucken (een stevig Duits schapenras mét hoorns). Op de Lüneburger heide lopen er 365 dagen per jaar ongeveer 9000 rond, verdeeld over 13 kuddes. Het vlees van dit schaap schijnt overigens ook bijzonder lekker te zijn.

Meestal bloeit de heide op zijn hoogtepunt vanaf begin augustus tot begin september (zie de heidebarmoter op www.lueneburger-heide.de/heidebluete).

Misschien wel de mooiste plek om de hei in bloei te zien staan is bij der Totengrund; een uitgestrekt, heuvelachtig dal met bos en heide. Je bereikt het makkelijk vanuit Wilsede, Undeloh of Niederhaverbeck. 


Tip 6: Teutoburger Wald, verrassend spectaculair

Bij Enschede de grens over en je bent al bijna in het Teutoburgerwald. Wat een verrassend mooi wandelgebiedje is dat! De heuvels zijn misschien niet spectaculair hoog (446 meter), maar je kunt er geweldig zwerven door de bossen, langs beken en bronnen en over spectaculaire rotsklippen en onderweg liggen en verrukkelijke biertuinen waar je kunt eten en drinken. Het is niet alleen natuur hier. Ook de vele oude burchten, kloosters en historische stadskernen met hun mooie vakwerkhuizen zijn het bezichtigen waard.

De 226 km lange Hermannshöhen is een geweldige route die door het hele gebied loopt. Je kunt daar ook vrij eenvoudig deeltrajecten van kiezen (de etappes zijn van 16 tot 22 km lang) en op het eindpunt weer op de bus of trein stappen. Mer info op: www.hermannshoehen.teutoburgerwald.de

De Externsteine bij Horn-Bad-Meinberg is zonder twijfel de meest gefotografeerde plek in het Teutoburger wald. Deze formatie zandstenen, die abrupt uit het heuvelachtige landschap oprijzen, zijn ontstaan in het Krijt, ongeveer 120 miljoen jaar geleden. Op de site van www.naturpark-teutoburgerwald.de vind je verschillende wandelingen die langs de Externsteine leiden.

Ook spectaculair: de Dörenther Klippen. Deze klippen vormen een 4 km lang lint van bizarre, 20 meter hoge rotstorens van zandsteen. Een wandeling van 9,4 km voert over en langs de klippen. Een heerlijke stop onderweg vormt de Almhütte. Je vindt hem op www.teutoburgerwald.de. Deze site is ook zeer handig om andere wandelingen in het Teutoburger Wald te plannen.

Tip: wandelen boven Lienen en dan héél Duits eten bij Jausenstation Malepartus: www.waldwirtschaft-malepartus.de.


Tip 7: Thüringer Wald, planten- en dierenwereld

Wie van uitgestrekte bossen en stevige heuvels houdt, moet beslist naar het Thüringer Wald. Een beroemde wandelroute door dit gebied is de 169 km lange Rennsteig die in meerdere etappes over de hoogste kammen van het woud loopt. Wandelaars met minder tijd of kilometers in de benen, kunnen in dit Duitse middelgebergte kiezen voor talloze lange en korte dagwandelingen; 16.000 km bewegwijzerde wandelroute in totaal. Over het natuurpark verspreid liggen 13 bezoekerscentra waar je niet alleen heel veel informatie kunt krijgen, maar die ook een prima startpunt vormen voor vele wandelingen.

Midden in het hart van het Thüringer Wald ligt het prachtig Biosfeerreservaat Vessertal dat onder bescherming staat van Unesco. Het afwisselende en dun bevolkte landschap heeft een veelzijdige flora en fauna, met meer dan 3600 dier-, planten- en paddenstoelensoorten. In het park vind je ook de vier hoogste toppen van het Thüringer Wald: de Großer Beerberg (982m), de Schneekopf (978m), de Fichtenkopf (944m) en de Großer Finsterberg (944m). Hier heb je adembenemende uitzichten richting Franken en het Thüringer Bekken.

Een stevig aantal wandelingen vind je op de site www.thueringen-entdecken.de (kijk dan onder Wanderwege Thüringen).

Met steden als Erfurt, Weimar, Gotha en Jena heeft het Thüringer Wald ook veel te bieden als je een dag geen zin hebt om te wandelen. Maarten Luther woonde en studeerde in Erfurt: www.lutherland-thueringen.de.

Nordic walking in het Thüringer Wald (Foto: Rasmus Schübel). Nordic walking in het Thüringer Wald (Foto: Rasmus Schübel).

Tip 8: Beierse Woud, Duits genieten in grootste bos Europa

Het Beierse Woud, sinds 1970 Nationaal Park Bayerischer Wald (de eerste van Duitsland!), loopt van Passau tot aan Regensburg, in het oostelijk deel van Duitsland, niet ver van de Tsjechische grens. Samen met het aangrenzende Bohemer Woud (Sumava) vormt het Bayerische Woud het grootste aaneengesloten bos van centraal Europa. Het is een belangrijk natuur- en cultuurlandschap in dit deel van Duitsland en met 660 km aan gemarkeerd wandelpad ook nog eens een zeer aantrekkelijk wandelgebied. In het Nationaal Park vind je zes informatiecentra. Kijk op: www.nationalpark-bayerischer-wald.de

Veel wandelingen lopen op of rondom de hogere toppen van het gebied: de Lusen, Rachel en Falkenstein. De Rundweg Auerhahn van ca. 10 km geeft een zeer goed beeld van de uitgestrektheid het Beierse Woud en het Sumava in Tsjechië.

Tip: Dagwandeling An der Böhmischen Grenz  (langs de Boheemse grens); wandelen van Scheiben via Zwercheck naar de Großer Osser (1293 m) door wilde, bijna ongerepte natuur. Middelzware tocht, 13 km lang. Het machtig gelegen Osserschutzhaus lonkt voor een langere pauze met een glas bier en een bordje Leberkäse en worst.

Meer wandelingen: www.wandern.arberland-bayerischer-wald.de (ook Nederlandstalig). Handig: de Tourenplanner op www.bayerischer-wald.de.

Wolfang "Woife" Schreil is een plaatselijke beroemdheid in het Beierse Woud. De goed gevulde en stevig bebaarde Woid kan zingen en dansen, maar weet bovenal ongelofelijk veel van de natuur. Twee keer per maand, op zaterdag, trekt hij er een weekend op uit. Kijk op: www.bodenmais.de


Tip 9: Beierse Alpen, Duitsland in de wolken

In de Beierse Alpen vind je de hoogste bergen van Duitsland, met de Zugspitze (2962 m) als opperkoning. De Beierse Alpen strekken zich geheel uit aan de zuidkant van de deelstaat Beieren en vormen een natuurlijke grens met Oostenrijk. Wie het hooggebergte in wil, heeft naast ervaring (of een goede gids) ook een puike uitrusting nodig. De Beierse Alpen vormen niet één gebied, maar vallen uiteen in een aantal deelgebieden zoals de Allgaüer Alpen en Chiemgauer Alpen. In al deze gebieden kun je serieuze bergtochten maken tot bijna 3000 meter hoogte, maar ook in de lagere delen van de Beierse Alpen valt voldoende te genieten.

Een goed begin van je wandelvakantie vormt: www.beieren.nu/wandelen.

Een tocht met zicht op het beroemde Schloss Neuschwanstein aan de oostkant van de Allgauer Alpen is een must. Met 6,2 km lengte is het rondje rondom de idyllische Alpsee goed te doen. Aan de oever ligt slot Hohenschwangau en je hebt uitzicht op het verder gelegen slot Neuschwanstein. Duur: ca 2 uur. Hoogteverschil: 146 meter.

De Beierse Alpen is ook het gebied van fraaie canyons. De Breitachklamm en de Starzlachklamm zijn misschien wel de mooiste. Er lopen wandelingen van ca 4,5 km doorheen. Voor de Starzlachklamm moet je toegang betalen. Kijk ook op: www.breitachklamm.com en www.starzlachklamm.de.

Herfsttip: Wandelen in het Naturpark Altmültal. Burchten, rivieren, heideveld, bizarre rotsformaties.  Je kunt kiezen uit 19 wandelroutes die het predicaat ‘kwaliteitswandelroute’ mogen dragen: www.naturpark-altmuehltal.de/rundwanderwege.

Het slot Neuschwanstein (Foto: Wikipedia) Het slot Neuschwanstein (Foto: Wikipedia)

Tip 10: Sächsische Schweiz

Voor een bezoek aan de Sächsische Schweiz moet je wel bereid zijn een behoorlijke reis te maken. Het (sinds 1990) National Park Sächsische Schweiz ligt namelijk helmaal tegen Dresden aan, een boeiende barokstad in het voormalige Oost-Duitsland. Toch is het de reis om meerdere redenen de moeite waard. De meer dan 1100 vrijstaande (zand)steenhopen maken dit gebied uniek in Europa. Er wordt veel geklommen op de zandrotsen, maar ook voor wandelaars ligt er 400 kilometer gemarkeerde wandelroute binnen de parkgrenzen.

De naam Sächsische Schweiz is te danken aan twee Zwitserse schilders die in de 18e eeuw aan de kunstacademie van Dresden studeerden en in het oosten een gebergte ontdekten dat hen sterk aan de Zwitserse Jura deed denken.

Natuurliefhebbers kunnen hun hart ophalen in de Sächsische Schweiz. In het gebied kun je een dierentuin bij elkaar spotten: uilen, haviken,  zwarte ooievaars, ijsvogels, verschillende soorten spechten en vleermuizen, everzwijnen, edelherten, marters, adders, ringslangen en forel en zalm. Wie de natuur graag intrekt onder de deskundige leiding van een van de 18 gecertificeerde Nationalparkführer, kan dat regelen via www.nationalpark-saechsische-schweiz.de.

Als je gaat wandelen in dit uitgestrekte gebied, is de online-Tourenfinder van het toerismebureau van de Sächsische Schweiz erg handig. Hier kun je invullen hoe lang je wandeling moet zijn of je voor een lichte of zware variant kiest en of tocht ook voor kinderen geschikt moet zijn. Kijk op: www.karte.saechsische-schweiz.de

De Malerweg werd in 2006 uitgeroepen tot meest geliefde wandelroute van Duitsland. Geen eenvoudige route (112 km, veel klimmen en dalen), maar wel verschrikkelijk mooi. Meer info op: www.wandelpaden.com/malerweg

Wandelen in de Sächsische Schweiz (Foto: Foto-Design Ernst Wrb). Wandelen in de Sächsische Schweiz (Foto: Foto-Design Ernst Wrb).

Meer lezen over wandelreizen?

Naar wandelreizen