Eerst de voet, dan de schoen
“De grootste fout die we zien, is dat mensen denken dat een schoen die meteen lekker zit automatisch de juiste keuze is”, vertelt Jeremy van Zutven van INTERSPORT Uden. “Natuurlijk moet een schoen comfortabel zijn, maar dat is pas het begin. Een goede wandelschoen moet passen bij jouw voet, jouw manier van lopen en het terrein waarop je wandelt.”
Daarom begint het advies vrijwel altijd met een voetscan. Met behulp van een speciale meetplaat worden lengte, breedte en stand van de voet in kaart gebracht. Binnen enkele seconden ontstaat een duidelijk beeld van de basis waarop het advies wordt opgebouwd.
Toch vertelt een scan niet het hele verhaal. “De techniek helpt ons, maar uiteindelijk gaat het gesprek met de klant minstens zo ver. Waar wandel je? Hoe vaak wandel je? Heb je blessures gehad of klachten tijdens eerdere wandelingen? Pas als we dat weten, gaan we schoenen selecteren.”
Volgens Van Zutven wordt de invloed van voetbreedte nog regelmatig onderschat. “Veel mensen met bredere voeten kiezen een grotere schoenmaat om meer ruimte te krijgen. Daarmee ontstaat juist weer te veel ruimte bij de tenen. Het is vaak beter om te zoeken naar een schoen die beter bij de vorm van de voet past.”