10x wandelen in Oostenrijk

Er zijn maar weinig landen in Europa die wandelaars zo vorstelijk verwennen als Oostenrijk. Wandel.nl tipt 10 wandelgebieden.

Er zijn maar weinig landen in Europa die wandelaars zo vorstelijk verwennen als Oostenrijk. Routes zijn perfect aangelegd, het kaartmateriaal dik in orde en heel vaak wacht er aan het eind van een dag een knusse almhut op de dorstige wandelaar. 'Ein grosses Bier bitte!' Maar is Oostenrijk niet veel te bergachtig? Nee, ook in de dalen kun je schitterend wandelen én Oostenrijk kent ook verrassend mooie ‘vlakke’ streken.


Wandelgebied 1: Bregenzerwald

Geen enorme bergtoppen, wél uitstekende bergkaas en uitgestrekte knalgroene grasbergen met plukken bossen kenmerken het Bregenzerwald waar (inderdaad) vroeger het bos de overhand had. Het ‘wald’ ligt in het meest westelijke deel van Oostenrijk, net over de grens met Duitsland en Zwitserland. Tussen de rollende heuvels in het westen en de serieuzere bergen in het zuidoosten vind je leuke stadjes en dorpen, wilde rivieren en fraaie bergmeren. In totaal liggen er ruim 750 verschillende wandelingen te wachten.

Een prima uitgangspunt om het Bregenzerwald te verkennen, zijn de 20 themawandelingen die je vindt op deze site. Deze wandelingen gaan van ontspannen kort tot stevig meerdaags en bereiken iedere uithoek van het Bregenzerwald. Spectaculair is de 8,1 km lange tocht in de buurt van Hittisau. Tijdens deze wandeling loop je door twee schluchten (bergkloven met rivier) en steek je de 300 jaar Kommabrücke over; de oudste overdekte houten brug van Vorarlberg. In hetzelfde gebied kronkelt overigens ook de vrij nieuwe Wasserwanderweg van ruim 14 km. In Hittisau bevindt zich verder ook het ‘Frauenmuseum’; het enige museum over vrouwen in Oostenrijk.

Voor wie het niet kan laten om een bergtopje mee te pikken en zo te smullen van een schitterend bergpanorama, is de 5,2 km lange klim naar de bekende Kanisfluh (2044 m) een aanrader. Deze tocht is niet heel moeilijk, maar je moet er wel ruim 500 meter voor klimmen (en ook weer afdalen). Wie bereid is héél vroeg op te staan, kan hier een waanzinnige zonsopgang meemaken.

Veel meer ideeën voor korte en lange dagtochten vind je op de handige Tourenplaner van Outdoor Active.

De hoogste berg van het Bregenzer Wald is de Braunarlspitze (2649 m), aan het einde van het ‘stille’ en gaaf bewaarde Groβes Walsertal; tegenwoordig een zogenaamd biosfeerreservaat. Vanuit het hooggelegen Buchboden lopen er diverse makkelijke wandelingen, o.a naar Bad Rhotenbrunnen (met Gasthaus!) en, hoger de bergen in, naar de Biberacher Hütte. Meer ideeën opdoen?

In het Bregenzerwald. In het Bregenzerwald.

Wandelgebied 2: Karwendel

Het Karwendel, deel van de Noordelijke Kalkalpen, geeft zich niet heel makkelijk bloot, maar voor wie bereid is moeite te doen, wacht een spectaculair en wild hooggebergte met heerlijke berghutten en veel natuur. Gelukkig is het vanuit een aantal toegangspoorten eenvoudig een deel van het Karwendel te verkennen. Een bekende toegangspoort is de alm Eng die met de auto of postbus vanuit Hinterriβ goed bereikbaar is. Het kan hier in de zomer druk zijn met dagjesmensen, dus ga vroeg op pad of boek een kamer in het befaamde Alpengasthof Eng en smeer je verblijf uit over meerdere dagen. Een indrukwekkende dagtocht vanuit Eng is naar de Falkenhütte op 1848 meter. Wie niet zo ver wil, kan ook stoppen op het Hohljoch (1794); het uitzicht op de machtige Laliderwand is even indrukwekkend. Veel meer eenvoudige dagtochten vanuit Eng vind je hier. Tip: Kijk onder 'Top 10 im Karwendel' als je inspiratie zoekt.

Een ander goed uitgangspunt voor een ontdekking van het Karwendel vormt de Achensee aan de oostkant van het gebergte. Pertisau staat bekend om de heilzame werking van Steinöl; in het dorp vind je verschillende kuurbaden en zelfs een museum over deze olie die wordt gewonnen uit leisteen. Vanuit Pertisau kun je verschillende wandelingen maken, bijvoorbeeld van de Gernalm naar de Plumsjochhütte (3,4 km middelzwaar) of naar de Gramai Alm (7,1 km, licht). Ook goed te doen: een wandeling rondom de Achensee en deze combineren met een boottocht over het meer (verschillende in- en uitstapplaatsen). Meer info vind je hier.

Tip: Ten oosten van Pertisau (en niet meer behorend tot het Karwendel) ligt het Rofangebergte; minder bekend, maar beslist ook de moeite waard om te bezoeken. Voor dagwandelingen kijk je hier.

Het Karwendel. Het Karwendel.

Wandelgebied 3: Raxalpe

Maar weinig Nederlanders dringen zo ver in Oostenrijk door dat ze terechtkomen in de Raxalpe. Dit vrij onbekende gebergte vormt de laatste serieuze oprisping van de Oostenrijkse Alpen land voordat het een stuk lager en groener verder rolt richting Wenen en Hongarije. De Weners zijn dol op hun Wiener Hausberge; naast de Raxalpe zijn dat de Schneeberg en Hohe Wand. Ze liggen maar op zo’n 75 km van Wenen, prima op een dag te doen dus.

Hoog of lastig zijn de bergen van de Raxalpe niet, hoewel je ook hier serieuze alpiene wandelingen kunt maken. Aan de randen is het groen en lieflijk, het plateau van de Raxalpe zelf is het uitgestrekt en vrij kaal. Het gebergte loopt aan de zuidkant spectaculair naar beneden; een ideale plek om steenbokken te spotten.

Het Ottohaus is een logisch begin voor een verkenning van de Raxalpe; het ligt op 30 minuten lopen van het eind van de Rax Seilbahn (die vanuit Hirschwang omhoog gaat). Over de Seeweg loop je in 1,5 uur naar de Neue Seehütte. Eventueel via de wat lastigere Preiner Wand terug, anders dezelfde weg. Totaal: 3.45 uur. Een overzicht van meer eenvoudige dagtochten in de Raxalpe vind je hier.

Wie liever in het groene dal blijft: vanaf Reichenau kun je de 4 km lange Wiener Wasserleitungsweg volgen die langs het water (bestemd voor Wenen) door het Höllental  voert. 

Een andere ‘lage’ tocht voert langs de Semmeringbahn. Deze spoorlijn zorgde er vanaf 1854 voor dat de Raxalpe verbonden werden met Wenen. Zestig procent van het traject heeft een stijgingspercentage van 20 tot 25%; nog steeds is de baan een wonder van techniek.

Voordeel van deze tocht is dat je kunt uit- en opstappen waar je wilt en zo de wandeling naar eigen smaak kunt samenstellen. Het gebied is groen, zeer bloemrijk in het voorjaar en kent spectaculaire uitzichten. Er is een traject in Niederosterreich en een in Steiermark. Meer informatie vind je hier.


Wandelgebied 4: Karnische Alpen

De Karnische Alpen vormen een langgerekte bergketen van wel 100 km die de natuurlijke grens vormt tussen Oostenrijk (Karinthië) en Italië (Zuid-Tirol en een stukje Friuli). Je kunt er schitterende, meerdaagse tochten maken over de ruige kam. Maar zowel aan de Oostenrijkse als Italiaanse kant lopen vanuit de bergen doodstille beekdalen uit naar een hoofddal. Aan de Oostenrijkse zijde zijn dat het Lesachtal en Gailtal. In die dalen is het geweldig en makkelijk wandelen. Wie hogerop wil, loopt door naar een van de vele (knusse!) hutten op de hoofdkam. Heel bijzonder: Kaiserschmarrn op een Oostenrijkse hut en voor een goede espresso even de grens overwippen naar Italië. Het kan in de Karnische Alpen!

Een zeer fraai dal dat aan de voet van de Karnische Alpen ligt, is het Lesachdal. Het wordt beschouwd als één van de mooiste dalen van Oostenrijk. Eindelijk eens geen een skiliften, geen enorme hotels, geen grootschalig vermaak, maar juist nog veel aandacht voor traditie, folklore en milieu. Vanuit o.a. Sankt Lorenzen en Maria Luggau lopen verschillende paden door het (prachtig groene!) dal zelf of naar de hoofdkam van de Karnische Alpen. Op deze website vind je een uitermate handige routeplanner die suggesties geeft voor lichte en middelzware wandeltochten. Een mooie eerste verkenning is de rondwandeling Frohn-Sterzen van 11,4 km met gemiddelde stijgingen. Een korte, maar uitdagende dagtocht is die naar het op 1867 meter gelegen Hochweiβsteinhaus op de hoofdkam van de Karnische Alpen.

Gaan we wat meer naar het westen (met de auto neem je de imposante Karnische Dolomitenstrasse!), dan kom je terecht in het Tiroler Gailtal dat grenst aan de bekende Lienzer Dolomiten. Een geweldige dagwandeling hier is de spannende klim vanuit het hooggelegen Kartisch naar de Dorfberggipfel (2115 meter); 3,5 uur looptijd.


Wandelgebied 5: Rätikon/ Montafon

In dit relatief kleine berggebied onder het Bregenzerwald ligt een groot aantal fraaie bergtoppen die bijna tot aan de 3000 meter (de hoogste is de Schesaplana 2969 meter) reiken. Het is een uitstekend wandelgebied waar je eenvoudige wandelingen kunt maken door de groene en beboste dalen of kunt kiezen voor wat stevigere tochten in de hoger gelegen almgebieden. Daarbij is Bludenz een aangenaam uitgangspunt met goed trein- en busvervoer; leuk voor een halver dag slenteren en rondkijken.

Een makkelijke tocht in het Rätikon is de Vandanser Sagenweg waarbij je in ongeveer drie uur een kleine 400 hoogtemeters overbrugt en onderweg op 14 plekken meer te weten komt over de regionale cultuur en de sagen en legenden die daar bij horen. De wandeling begint in Vandans op 650 meter en bereikt bij de ruïne Valkkastiel het hoogste punt (1014 meter).

Op deze website vind je nog veel meer suggesties voor korte dagtochten.

Wie een blik wil werpen over de machtige bergwereld van het Rätkon, pakt de auto of postbus en laat zich afzetten vlakbij de Lüner See op 1970 meter. Vanuit hier lopen tal van wandelingen; lastige naar de hoogste toppen, maar ook makkelijkere die in de buurt van het meer blijven. Een ‘rondje meer’ is al in 1,5 uur goed te doen. Een heerlijke stop is de Douglashütte waar je vanaf het terras met een glas bier en bordje Jause uitkijkt over het meer. Een klim naar de prachtige Totalphütte vergt ongeveer 2,5 uur.

Meer fijne wandeltips rondom Lüner See vind je op deze website.

Een ander fraai uitgangspunt in het Ratikön is Nenzinger Himmel, al was het alleen al om de naam. Nenzinger Himmel (alleen per bus bereikbaar, of in 3,5 uur lopen vanuit Nenzing) in het Gamperdonadal is een wondermooi dal waar het in het voorjaar wemelt van de alpenbloemen en alpenmarmotten. De Rundwanderung Nenzinger Himmel, uitgangspunt is het Alpengasthof Gamperdona, is perfect voor een rustige verkenning van dit stukje Oostenrijk. De wandeling via de Hirschsee eindigt bij Panüeala-Alpe (kaas!) en duurt ongeveer 3,5 uur. Meer wandelingen vanuit Nenzinger Himmel vind je hier.

De Wildberg in de Rätikon (Foto: Wikipedia.org). De Wildberg in de Rätikon (Foto: Wikipedia.org).

Wandelgebied 6: Hohe Tauern

De Hohe Tauern is met stip een van de drukst bezochte berggebieden van Oostenrijk. Hier vind je met de Groβglockner en de Groβvenediger de hoogste toppen van het hele land. Het gebied is groot en de wandelmogelijkheden zijn er legio. Een populaire dagbestemming zijn de Krimml watervallen, de hoogste watervallen van Midden-Europa. De meeste toeristen blijven hangen aan de voet van de 380 meter hoge waterval. Wie zijn wandelschoenen aantrekt kan echter de spectaculaire Wasserfallweg volgen langs de rivier die de waterval voedt. Looptijd ca. 1,5 uur. Meer weten?

Een groot deel van de Hohe Tauern is sinds 1981 Nationaal Park. Het is het één van de grooste natuurgebieden in centraal Europa en strekt zich uit over drie deelstaten: Karinthië, Ost-Tirol en Salzburg. In totaal liggen er binnen de grenzen van het enorme park duizenden kilometers aan wandelroute; van ontspannen tot zeer uitdagend. Een prima startpunt om al die mogelijkheden naast elkaar te zien vind je op deze website. Wie de machtige Groβglockner wil aanschouwen, wandelt het belevenispad Glockenspur. Deze wandeling begint op 1918 meter bij het Lucknerhaus en loopt naar de Lucknerhütte op 2241 meter. Wie nog zin heeft, kan dan nog doorklimmen naar de op 2802 meter gelegen Stüdlhütte.

Voor wie wél hoog wil, maar het niet zo goed alleen durft, kan zich aansluiten bij een ranger van het National Park. In het hoogseizoen worden er bijna dagelijks georganiseerde tochten aangeboden. Kijk op deze website voor het aanbod.


Wandelgebied 7: Dachstein

Uit de verte lijken de bergen van de Dachtstein een onneembare vesting en voor een deel klopt dat ook wel. In het ruige gebied wordt veel geklommen en lopen diverse zeer lastige klimroutes en gezekerde routes: Klettersteige. Een kabelbaan vanaf zowel de zuidkant (Ramsau) als noordkant (Hallstat) maakt het echter voor iedereen mogelijk ook op bijna 3000 meter te komen. Op het zonnige plateau van de Dachstein kun je genieten van geweldige uitzichten, maar ook een aantal fraaie dagtochten maken.

Ramsau vormt hét middelpunt voor tal van wandelingen door de zuidelijke kant van de Dachstein. Bij het plaatselijke toeristenbureau zijn zowel goede kaarten verkrijgbaar als wandelingen in diverse moeilijkheidgraden. Imposant is een wandeling richting de bergen van de Dachsteingruppe, bijvoorbeeld door het bos naar de Türlwandhütte, het begin van de Dachsteinbahn. Deze 'hut' kan ook een beginpunt zijn van een korte tocht naar de spectaculair gelegen Dachsteinsüdwandhütte.

Op deze website vind je een handige Tourenplaner voor ongeveer 200 km aan wandelroute rond Ramsau.

Heel anders, maar niet minder mooi is een tocht aan de noordkant van de Dachsteingruppe waar het gebied Salzkammergut heet. Vanuit Hallstat (In de Romeinse tijd een belangrijke zoutstad!) kun je prachtige tochten maken in de buurt van de Halstätter See. De Ostuferwanderweg is ideaal om de fjordachtige Haslstättersee te ontdekken. Meer ideeën voor wandelingen vind je op deze website.

Hallstat, in de Romeinse tijd een belangrijke zoutstad (Foto: Wikimpedia.org). Hallstat, in de Romeinse tijd een belangrijke zoutstad (Foto: Wikimpedia.org).

Wandelgebied 8: Nockberge

Nog zo’n gebied dat door Nederlanders ten onrechte wel eens voorbij gereden wordt. Het mooie van de Nockberge (de naam is afkomstig van de afgeronde toppen die op Nockerln lijken; een bekend en heerlijk Oostenrijks dessert) is dat je er zowel hooggebergte als uitgestrekte wandelbossen vindt en al het moois wat daar tussenin ligt. Het is geen groot gebied, maar wel heel divers met prachtig natuurschoon én beschermd door de status van natuurreservaat. Het gebied is niet heel hoog, maar wel stil en ruig. Je kunt er wandelingen maken zonder er iemand tegen te komen en omdat het niet zo alpien is als veel andere gebieden in Oostenrijk, is het ook een uitermate geschikte bestemming in de herfst. 

De Turracher Höhe (bereikbaar vanuit Bad Kleinkirchheim) is een perfect uitgangspunt voor de Karintische Nockberge. De Barbaraweg, die tot bijna 2100 meter voert, is niet moeilijk, maar wel heel mooi en geeft een goed beeld van hoe de boeren vroeger leefden. 

Ook een aanrader: de Kirchheimer Talrunde vanuit Bad Kleinkirchheim. Zo’n vijf uur doorstappen, maar niet al te veel hoogtemeters kent de  en voor iedereen goed te doen. Zeer handig voor meer tochtsuggesties is de Tourenfinder op deze website.

Tip: De Nockberge maakt onderdeel uit van de Gurktaler Alpen die zich over een groot gebied naar het oosten uitstrekken. Wie zin heeft om door te wandelen, kan hier dus nog zijn lol op. Ideeën voor dagwandelingen in de Gurktaler Alpen doe je hier op.


Wandelgebied 9: Kaisergebirge

Ingeklemd tussen het ietwat mondaine Kufstein en St. Johann ligt het kleine, maar ruige Kaiser Gebirge. De naam heeft overigens niets te maken met het keizerrijk dat Oostenrijk ooit was. Het Kaisergebirge kent een Wilder Kaiser (met hogere toppen) en een Zahmer Kaiser waar de hoogste berg niet boven de 2000 meter komt. Het oostelijke deel van de Wilder Kaiser heet Niederkaiser , maar juist daardoor prima mogelijkheden biedt voor minder geoefende wandelaars. Gelukkig is een deel van het opvallende gebergte sinds 1962 beschermd natuurgebied, hoewel er aan de randen nog wel grote skigebieden te vinden zijn.

Ellmau, Going, Scheffau en Söll aan de zuidkant van de Wilder Kaiser zijn prima beginpunten voor een wandeling. De beroemde Adlerweg loopt door dit deel van het Kaisergebirge. Eenvoudige wandelingen vanuit dit (zonnige!) deel van het gebergte zijn die naar het Hollenauer Kreuz (Going), 6 km/ 3 uur. Deze eenvoudige panoramawandeling gaat over de glooiende weides en door de bossen rondom Going met uitzicht op de Wilder Kaiser en de Kitzbühler Alpen. Een andere mooie dagtocht is vanuit Sheffau door de Rehbachklamm (Scheffau), 7 km/ 2:30 uur. Door het smalle en wild-romantische dal van de Rehbach gaat het gedeeltelijk over planken en bruggen naar de Rehbachklamm. Langs watervallen en een oude verlichte mijngang komt je uit bij de Hinterschliesslingalm.

In de minder bekende Zahmer Kaiser (van de Wilde Kaiser gescheiden door het machtige Kaisertal) is het ook schitterend wandelen. Hoewel de toppen niet heel hoog zijn (ze komen niet boven de 2000 meter uit) zijn de beklimmingen over het algemeen zwaar en lang. Een relatief eenvoudige tocht is die van de Parkplatz Kaiseraufstieg naar de Voderkaiserfeldenhütte (1388m). Vier uur lopen en als ultieme beloning een machtig uitzicht over de Zahmer Kaiser. Meer ideeën vind je op deze website.

In de Wilder Kaiser: de Gruttenhütte (Foto: Wikipedia.org). In de Wilder Kaiser: de Gruttenhütte (Foto: Wikipedia.org).

Wandelgebied 10: Bohemer Woud

Op de grens met buurland Tsjechië ligt het groene en uitgestrekte Bohemer Woud, in Tsjechië Sumava geheten. De wandelmogelijkheden zijn er ongekend en omdat echte bergen ontbreken, kun je er makkelijk wat langere dagtochten maken. Het is een vrij onbekend gebied voor Nederlanders, maar een groot voordeel is dat je er al vroeg in de lente en tot laat in de herfst terecht kunt.

Een bijzondere manier om het gebied te ontdekken is om op pad te gaan met een ezel. Er zijn meerdere korte en lange (meerdaagse) mogelijkheden. De meeste tochten vertrekken vanuit Peilstein, in het (hoge) grensgebied met Tsjechië.

Een klassieker in het Bohemer Woud is de dagtocht naar de hoogte berg van het Oostenrijkse deel van Bohemerwoud, de Plockenstein (1379 m). Het gebied hier staat ook wel bekend als het Mühlviertel. Het is een verrassend groen, vruchtbaar, lieflijk en golvend stukje Oostenrijk. Ideaal voor wandelaars die de echte bergen te hoog en te zwaar vinden, maar wel echt in de natuur willen zijn. Een prachtige kennismaking met dit deel van het Bohemer Woud is een tocht van vier uur door het prachtige waterrijke Aisttal.

Veel meer korte en lange wandelsuggesties vind je hier.

Tip: Volgens het toerismebureau van het Bohemer Woud kun je op de zevendaagse Weg der Entschleunigung (Weg van de Onthaasting) weer tijd vinden voor jezelf en elkaar. Mobiele telefoon thuis laten, geen internet en genieten van de natuur en de rust. Natuurlijk is het niet nodig de hele route te lopen, een dagetappe kiezen kan ook. Meer over dit meditatieve wandelen vind je op deze website.

Meer lezen over wandelreizen?

Naar wandelreizen

Geschreven door

Roel van den Eijnde

Roel van den Einde is buitensporter, journalist en auteur.


Word lid van KWBN

Als wandelliefhebber zit je goed bij KWBN. Wij bieden iedere wandelaar voordelen op maat. Kijk snel verder!

Waarom lid worden?